18 juni 2026
Nieuw energielabel vanaf 29 mei 2026: wat verandert er voor jou als EP-adviseur?
Op 29 mei 2026 verandert het energielabel voor woningen ingrijpend. De NTA 8800 wordt gewijzigd, de ISSO-publicaties worden aangepast en het stelsel Energieprestatie Gebouwen (EPG) krijgt een flinke update. Wat betekent dit voor jou als EP-adviseur en hoe bereid je je voor?
Methodiekwijzigingen in de Vabi EPA software
Hieronder benoemen wij drie belangrijke wijzigingen en laten wij zien waar je deze kunt vinden in de software.
1. Geen fossiele brandstoffen op perceel.
Het vinkje ‘Geen fossiele brandstoffen op perceel’ vind je onder het kopje ‘Classificatie’ bij de algemene objectgegevens.
Het vinkje is belangrijk om te bewijzen dat het gaat om een Zero Emission Building met indicator A0. Zo’n woning of gebouw is gebouwd vanaf 2026 en moet aan de volgende eisen voldoen om A0 te zijn:
- De EP1 voldoet aan de BENG-1 eis
- De EP2 voldoet aan de ‘Voorwaarde Fossiel energieverbruik A0’
- De EP3 voldoet aan de BENG-3 eis
- Het vinkje ‘Geen fossiele brandstoffen op perceel’ staat aan
Bij de resultaten ziet dit er als volgt uit.
2. GACS
Voor een utiliteitsgebouw kun je onder Object > Algemene gegevens > GACS, aangeven wat het Thermische vermogen verwarmings- of koelsysteem is en of er een GACS aanwezig is. Als je zegt er is een GACS aanwezig, dan dien je ook de ‘Klasse Automatische regeling’ en ‘Klasse energiemanagement’ in te vullen.
3. Thuisbatterij of warmteopslag
Vanaf versie 12.0 wordt de elektrische batterij of thermische opslag meegenomen in de berekening. Let wel op: pas wanneer de batterij minimaal 5 kWh opslag heeft telt deze mee voor het energielabel.
Je vindt de thuisbatterij of warmteopslag onder ‘Zonne-energie’. Je dient een nieuw zonne-energiesysteem toe te voegen en te kiezen voor ‘Opslag’. Vervolgens kun je kiezen tussen elektrische- of thermische opslag.
Thuisbatterij:
Warmteopslag:
Nieuwe indicatoren voor het energielabel
Er zijn vier nieuwe indicatoren bijgekomen voor het energielabel. Deze geven een completer beeld van de energieprestatie van een gebouw. Naast het primaire fossiele energiegebruik (de EP2), worden nu de volgende indicatoren toegevoegd aan de berekening:
1. Finaal energiegebruik
Het finaal energiegebruik drukt uit hoeveel energie een gebouw daadwerkelijk verbruikt, uitgedrukt in kWh per vierkante meter per jaar. Anders dan het primaire energiegebruik wordt hier niet teruggerekend naar de bron, maar gekeken naar wat er werkelijk aan energie het gebouw binnenkomt. Denk aan het gasverbruik op de meter en de elektriciteit die uit het net wordt afgenomen.
Voor jou als EP-adviseur betekent dit dat je een uitkomst kunt laten zien die veel dichter ligt bij wat de bewoner of gebruiker op de energierekening terugziet. In Vabi EPA wordt deze indicator automatisch berekend op basis van de invoergegevens die je al vastlegt.
Deze indicator is bedoeld om gebouwen op Europees niveau te vergelijken. Het is een sommatie van verschillende verbruiken: elektriciteit, gas en externe levering.
Te vinden in het resultatenscherm onder een object:
2. Operationele CO2-Emissie
Naast energie wordt ook de CO₂-uitstoot van een gebouw zichtbaar op het energielabel. De operationele CO₂-emissie geeft aan hoeveel broeikasgas een gebouw uitstoot tijdens het gebruik, uitgedrukt in kilogram CO₂-equivalent per vierkante meter per jaar.
Hierbij wordt gekeken naar de uitstoot die samenhangt met het energiegebruik voor verwarming, koeling, warm water en ventilatie. Een woning met een warmtepomp op groene stroom scoort hierdoor aanzienlijk beter dan een woning met een gasketel.
Deze indicator maakt de klimaatimpact van een gebouw direct inzichtelijk en sluit aan bij de Europese ambitie om de CO₂-uitstoot van de gebouwde omgeving te verlagen.
Te vinden op pagina 1 van het energielabel:
3. A0-indicator
De A0-indicator is een nieuwe maatstaf die aangeeft in hoeverre een gebouw klaar is voor een volledig fossielvrije energievoorziening. De naam verwijst naar labelklasse A0: het niveau waarop een gebouw zonder fossiele brandstoffen kan functioneren. De indicator beoordeelt of de gebouwschil voldoende geïsoleerd is en of de aanwezige installaties geschikt zijn voor lage-temperatuurverwarming.
Te vinden in Vabi EPA op het resultatenscherm:
Te vinden op pagina 1 van het energielabel:
Op pagina 10 van het energielabel vind je nog de voorwaarden emissievrij gebouw (A0):
4. WLC-GWP
De laatste nieuwe indicator is de Whole Life Carbon - Global Warming Potential, afgekort WLC-GWP. Deze indicator kijkt verder dan alleen het energiegebruik tijdens de gebruiksfase. De WLC-GWP brengt de totale klimaatimpact van een gebouw in kaart over de volledige levenscyclus: van de productie van bouwmaterialen, via het gebruik, tot en met de sloop en verwerking. Hiermee wordt de milieu-impact van bijvoorbeeld biobased isolatiematerialen versus traditionele materialen zichtbaar.
Deze indicator is vanaf 2028 verplicht voor nieuwbouw, gebouwen groter dan 1000 m2.
De berekening zal je moeten maken met een MPG-tool. Vanuit Vabi EPA kun je een export maken via het menu ‘Rapportages’ > ‘Energieverbruik voor WLC-GWP (Excel)’. Dat Excelbestand ziet er als volgt uit:
De uitkomst van de MPG-berekening kun je vervolgens weer invoeren in Vabi EPA. Dit doe je onder het Object > Algemeen > Registratiegegevens invoer > WLC-GWP. Wanneer je aangeeft dat de ‘Resultaten beschikbaar’ zijn, krijg je daaronder de mogelijkheid om alle waarden over te nemen.
Informatie op het nieuwe energielabel
Via de website van RvO kun je verschillende voorbeelden van het nieuwe energielabel bekijken. Nieuwe onderwerpen op het energielabe zijn:
- Aanduiding of nieuwbouwwoning voldoet aan emissievrij gebouw eis (A0).
- Inzicht in warmteverlies, CO2-uitstoot, aandeel hernieuwbare energie en kans op oververhitting in de zomer.
- QR-code naar subsidies en energieloketten via verbeterjehuis.nl
- Isolatiesplitsing per bouwdeel en deelvlak
- Batterijopslag (≥ 5 kWh)
- Infographic met berekende waarden, zoals het finaal energiegebruik en type hernieuwbare energiebronnen, uit Vabi EPA.
Nieuwe verplichtingen voor monumenten en utiliteitsgebouwen
Naast de nieuwe indicatoren zijn er ook nieuwe verplichtingen. Zo is het vanaf 29 mei verplicht om een energielabel te maken voor monumenten bij verkoop of verhuur, of wanneer meer dan 25% van de woninginhoud wordt gerenoveerd.
Daarnaast moet het energielabel van utiliteitsgebouwen zichtbaar aanwezig zijn in de ontvangsthal of bij de ingang.
Wat betekent dit voor jouw dagelijkse werk?
De wijzigingen in de NTA 8800 hebben directe gevolgen voor de manier waarop je woningen en utiliteitsgebouwen opneemt en berekent. Samengevat moet je rekening houden met:
- Meer invoervelden. Batterijopslag, warmteopslag en gebouwautomatisering vragen om nieuwe invoer tijdens de opname.
- Andere uitkomsten. Door de gewijzigde berekeningsmethode kunnen energielabels en BENG-resultaten anders uitvallen dan je gewend bent, zelfs bij identieke woningen.
- Breder kijken op het perceel. Je beoordeelt voortaan ook fossiele installaties in bijgebouwen op het perceel.
- Bijscholing. Om na 29 mei 2026 met de nieuwe methodiek te mogen werken, is bijscholing verplicht. Plan dit op tijd in.
Verder zijn de BRL-richtlijnen aangescherpt om de kwaliteit van de energieprestatieberekeningen te waarborgen. Zo wordt de controle op gemaakte berekeningen intensiever. Certificerende instellingen voeren vaker steekproeven uit op afgegeven energielabels. De audits kijken niet alleen naar de uitkomst van de berekening, maar ook naar de onderbouwing van de invoergegevens.
De eisen aan de rapportage die bij een energielabel hoort, worden eveneens aangescherpt. Rapportages moeten vollediger en transparanter zijn, zodat een andere EP-adviseur of een controlerende instantie de berekening kan reproduceren. Dit betekent dat je bij iedere opname zorgvuldig moet documenteren welke keuzes je hebt gemaakt en op basis van welke waarnemingen.
Heb je vragen?
Benieuwd wat de wijzigingen betekenen voor jouw projecten? Neem contact met ons op. Onze supportdesk denkt graag met je mee.